Sinds mijn vertrek uit Hanoi is er in mijn hoofd al enorm veel gebeurd. De eerste twee dagen heb ik het eenvoudig gehouden. Mai Chau is een vallei ten westen van Hanoi en het leek mij een mooie plek om mijn toer van het noorden te starten. Het is een redelijk toeristische plek dus dat leek mij een makkelijke manier om het reizen te starten. Bovendien liggen de busstations van Hanoi een heel eind buiten het stadscentrum en had ik geen zin om die 15 drukke kilometers achterop zo'n idiote scooter te zitten. Ik besloot dus de rijke toerist uit te hangen en met een minibusje mee te rijden dat tours organiseert in de vallei. Dat bleek een goede keuze want op dezer manier heb ik waarschijnlijk meer met Vietnamezen gesproken dan anders het geval was: van de zeven toeristen in het busje waren er vier Vietnamees. Het waren twee koppels uit Saigon en vooral de mannen spraken redelijk goed Engels. Ik heb alvast een Vietnamees telefoonnummer gescoord voor als ik in die stad aankom.
Mai Chau zelf is een vallei waarin een aantal dorpen liggen tussen de heuvels en rijstvelden. Het is een buitengewoon idyllische omgeving: rijstvelden, kleine beekjes, huizen met weefgetouwen/varkens/winkeltjes eronder... Er hangen lichtroze orchideeen van de bomen en er vliegen heel wat vlinders. De vogels hebben minder geluk. Je ziet hier amper vogels in vrijheid, volgens mij vangen de Vietnamezen elke vogel die ze zien en stoppen hen in individuele kooitjes. Alle toeristen die ik tegenkom vinden het zielig, maar het is overduidelijk dat de mensen hier geloven dat ze deze geluksdieren goed verzorgen. Toch wordt het soms vrij extreem: vanmorgen wandelde ik in een bosachtig park en plots zag ik een eindje van het pad een heel kleine kooi waarin zich een klein soort duif bevond. Het dier had amper plaats om te bewegen en het bevond zich in principe in een mooi stukje bos! Ik voelde een rebelse neiging opkomen en wilde het dier bevrijden, maar de kooi was te hoog. Een kwartiertje later zag ik wel een paar erg mooie vrije vogels. Ze waren ongeveer zo groot als merels maar slanker, met een wat langere staart. Die staart konden ze openklappen als een waaier wanneer ze niet vlogen. Ik heb vijf minuten naar het koppeltje 'waaiervogels' zitten kijken terwijl ze elkaar achtervolgden. Spijtig genoeg heb ik geen foto's kunnen nemen, anders had Joeri ze misschien een echte naam kunnen geven.
Genoeg over vogels nu, ik was in Mai Chau. In de vallei ben ik twee nachten geweest en ik had er gerust nog langer kunnen blijven. De omgeving was verbluffend mooi en rustig, het eten in de guesthouse was geweldig en er was veel gezelschap van andere reizigers. Ik heb er onder andere Denise leren kennen, een Duitse die tijdelijk in Hanoi werkt en me een paar honderd meter met haar scooter heeft laten rijden (viel heel goed mee op die kleine geasfalteerde wegen daar...) en Andrea, ook een Duitse die voor de eerste keer op reis was buiten Europa en haar terugreis steeds maar bleef uitstellen. Met Denise ben ik naar een grot geklommen (Duizend traptreden in de zon. Hoera.). De grot was erg mooi op zich (en koel. Hoera!), maar lag vol zwerfvuil. Dit was waarschijnlijk de schuld van de grote hoeveelheden Vietnamese studenten die er dat weekend waren geweest. Die studenten kwamen in grote groepen uit Hanoib afgezakt en hielden hun versie van 'wilde feesten' op een veld vrijdag- en zaterdagavond. Andrea, Denise en ik zijn gaan kijken en het was redelijk bizar. Ze waren in groepen verdeeld (een soort van clubs?) en ze moesten bij hun groep blijven tijdens het feesten. Elke groep had een eigen kampvuur en de belangrijkste activiteit bestond eruit om in een kring rond het vuur te dansen (denk Europese heksencliches). Daarnaast was er natuurlijk karaoke (ja, in een veld, met generatoren en tv's) waren er een soort scoutsachtige spelletjes en had iedere groep een eigen bar (voornamelijk water en icetea).
De volgende dag vertrokken de twee Duitsen terug naar Hanoi en had ik een rustige dag in het dorpje, met wat fietsen en wandelen in de buurt van het dorp. Voor de wandeling ging ik mee met Martin en Dorria en hun gids Zhang. Martin en Dorria waren het liefste duo dat ik in lange tijd had gezien. Hij een veertiger (?) uit Liverpool en zij een jonge Chinese studente toerisme uit Inner-Mongolie. Ze hadden elkaar die dag in het busje uit Hanoi leren kennen, maar voelde al aan als een kleine familie. Zhang was ook een geweldige gids, met gevoel voor humor (ninjapuppy is een nieuw begrip in mijn vocabulaire) en interessante informatie over het leven van de mensen en de plantengroei in de omgeving.
De volgende ochtend vertrok ik met het openbaar vervoer naar de stad Son La. Niet omdat daar veel te zien was, maar het was in de juiste richting en de omgeving zou er mooi zijn. En dat was zeker het geval. Nadat ik met de scooter bij de bushalte buiten de vallei was afgezet, werd ik onmiddelijk de attractie van de dag. Elke keer als het minibusje stopte was er een regen aan hello's van kinderen en volwassenen. De chauffeurs/dragers waren in hun nopjes met hun interessante cargo. (Minibusjes zijn hier - meer dan personentransport - een manier om goederen te verplaatsen, in de bus zelf, in de koffer en vooral op het dak worden halve huizen vervoerd. Grote zakken en dozen, kartonnen met honderd kuikentjes (vier uur onophoudelijk gepiep), maar ook kleine pakjes. Allemaal worden ze op het juiste adres bezorgd, vaak zonder dat zender of ontvanger meereist. Er rijdt telkens een chauffeur en de andere twee/soms slechts een kruipen telkens het dak op, leveren en ontvangen geld) De reis naar Son La was lang en ik voelde me vreemd vermoeid, misschien door de Touristil die ik genomen hasd of nog een laat jetlag-gevoel. Aangekomen in Son La wandelde ik dus snel naar het goedkope familiehotelletje uit de Lonely Planet (de vriendelijke busjongens hadden me heel dichtbij afgezet) en een uur later ontdekte ik waarom ik zo moe was. Diarree.
Nu, het moest er eens van komen, maar veel Son La heb ik dus niet gezien. Een kort wandelingetje voor zonsondergang lukte nog net. De volgende dag - en een aantal capsules Loperamide later - was alles in orde en vertrok ik naar Dien Bien Phu, dichtbij de grens met Laos.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten